Ditmaal zijn het niet overheden die zeggen wat goed is voor boeren maar
boeren die zeggen wat goed is voor Nederland en hun gebied in het
bijzonder. Het zijn koplopers verduurzaming onder de nog circa veertig
boeren in het Beerzegebied binnen de gemeenten Bladel, Eersel en Oirschot.
Twaalf adviezen aan Rijk, provincie, waterschap, gemeenten en agrariërs.
Niet vanuit kenniskokers maar op basis van praktijkkennis opgebouwd in
generaties omgaan met bodem, water, weersomstandigheden, mensen en
natuur. Hierna advies 3, 4, 5 en 6.
3. Durf onderscheid te maken tussen koplopers, peloton en hekkensluiters
en werk met koplopers op basis van ja-mits. Juist vertrouwen en daaruit
voortkomend maatwerk kunnen beoogde transities versnellen en
stimuleren het peloton om richting koplopers te bewegen. Om te
beginnen: stop voor koplopers met datumlandbouw. In deze tijd van
weersextremen rijdt het niet alleen (biologische) landbouw in de wielen
maar kan het ernstige gevolgen hebben voor biodiversiteit. Daarnaast
genereert het een enorm beslag op loonwerkers die overal op hetzelfde
moment moeten acteren. Als dat fysiek en personeel überhaupt mogelijk
is, drijft het in elk geval de kosten op.
4. Erken dat het werken binnen de Groenblauwe Gebiedsgerichte Aanpak
(GGA) Kempenland-West noch voor het gebied noch voor de transitie van
de landbouw effectief is. Boeren die al hun tijd nodig hebben om hun
bedrijf in de lucht te houden zijn allergisch voor in hun ogen vrijblijvende
beleidsprocessen van vooral overheden die vervolgens amper leveren.
Wees eensluidend en duidelijk over de stip aan de horizon en geef het
netwerk van boeren het vertrouwen dat zij zich hiervoor inzetten.
Ondersteun het netwerk vraag-gestuurd en maak afspraken over
jaarlijkse evaluaties.
5. Wijs voor deze streek of zo nodig per cluster van bedrijven of uitsluitend
koplopers een bedrijfscoördinator aan die minimaal contactpersoon is
namens alle overheden (EU, Rijk,
provincie, gemeente, waterschap) en overheid gerelateerde organisaties
zoals Brabants Landschap en Brabant Water.
6. Prik door de illusie dat begrazing door natuurrunderen zoals Schotse
Hooglanders per definitie beter voor de natuur is dan begrazing door
gemiddeld twee melk- of vleeskoeien per hectare grasland. Ook
natuurrunderen prefereren mals gras boven taaie gewassen als pitrus,
riet(gras) en Jacobs kruiskruid waardoor de begrazingsdruk op de feitelijk
kruidenrijke grassen groter kan zijn dan door melk- of vleeskoeien op
landbouwpercelen.
