2018.09.04 |

Kantelpunt 2018
In 2017 haalde Nederland nog geen zes procent van onze energiebehoefte uit andere dan fossiele energiebronnen. We schaarden ons bij de hekkensluiters van de EU. Energie is ruim een halve eeuw weggeorganiseerd uit het DNA van onze samenleving. Het jaar 2018 tekent zich af als kantelpunt in de tijd. Het vrijblijvende karakter van een energietransitie kan wel eens als sneeuw voor de zon verdwijnen. De gaswinning in Groningen wordt afgebouwd en zal in 2030 wellicht worden beëindigd. Het nieuwe klimaatakkoord raakt vrijwel elke sector en niet in de laatste plaats onze landschappen. Hoe en in welke mate weten we nog niet.

Prijsvraag Energielandschap van de Toekomst
In navolging van de prijsvraag Waterlandschap van de Toekomst aan het begin van deze eeuw, is eind 2017 de prijsvraag Energielandschap van de Toekomst uitgeschreven. Met oog op concreetheid van innovatieve oplossingen, de landschappelijke inpassing ervan en acceptatie bij bewoners en gebruikers is gekozen voor drie typen gebieden. Landelijk gebied rond de A16, stedelijk gebied in en om Zwolle en waterlijk gebied op en aan de Zeeuwse zoute wateren. Toeval wil dat voor elk van de drie gebieden tien inzendingen aan de voorwaarden hebben voldaan. De aldus dertig inzendingen in de eerste ronde zijn zeer divers, variërend van participatie en sociale dwang tot energie uit algen en opslag in waterstof. Deze breedte past bij het stadium waarin we collectief verkeren: de overgang van onbewust onbekwaam naar bewust onbekwaam. Een gevoel van urgentie is aan het ontstaan.

Van landschapspijn naar impuls
De inzendingen in de eerste ronde getuigen van het besef dat een combinatie van hoge urgentie, relatief veel beschikbare middelen (onder meer SDE+), kennislacunes en onze utilitaire cultuur kan leiden tot landschapspijn. Nog meer landschapspijn wel te verstaan, terwijl de combinatie van urgentiebesef en beschikbaarheid van middelen ook forse kwaliteitsslagen mogelijk maakt. Energietransitie als ruimtelijk ordenend principe raakt immers tal van andere ruimtelijke opgaven zoals klimaatadaptatie, circulaire economie, woningbouw, landbouw, natuur en mobiliteit. Integraal denken en doen kan niet alleen elke euro beter doen renderen maar ook ons landschap een kwaliteitsimpuls geven.

Terugblik op prijsvraag Waterlandschap
Een vergelijking met de oogst van de prijsvraag Waterlandschap van de Toekomst dringt zich op. Na de grootste evacuaties na de Tweede Wereldoorlog in het rivierengebied was de boodschap glashelder: veiligheid voorop maar zonder meervoudig ruimtegebruik gaat dat niet lukken. Omdenken was het parool. Van de 49 inzendingen in de eerste ronde is inmiddels een aanzienlijk deel gerealiseerd, al dan niet als deel van latere programma’s en projecten. De inzendingen waren gestoeld op ruim voorhanden water(ontwerp)kennis en zijn geadopteerd door naar schatting tienduizend waterkennisdragers (ambtenaren van rijk, provincies, waterschappen, gemeenten, waterleidingbedrijven en onderzoeksinstellingen alsook adviseurs van bureaus en instituten). De inbedding was zo enorm dat daardoor ook het eigenaarschap van de ideeën en de opgave is overgenomen. Nog steeds is de watersector voornamelijk een publieke sector.

Vergelijking met prijsvraag Energielandschap
De energiesector is voornamelijk een private sector met relatief weinig energiekennisdragers buiten energiebedrijven en heel weinig traditie in de wereld van ontwerpers. Particulieren verlangen naar meer handelingsperspectieven voor verduurzaming maar missen kennis. Overheden zijn amper beter op de hoogte. Welke nieuwe bronnen zijn in welk stadium beschikbaar? Wat genereren die aan energie? Hoe zit het met opslag? Hoe zit het met subsidies? Welke opgaven zijn er voor regio’s? Wat is daarvoor het keuzepallet? Wie kan welke kosten voor zijn rekening nemen? Gaan we het als regio zo redden? Talloze hooguit deels beantwoorde vragen. Fors meer energiedeskundigheid is urgent en acuut. Toch moet het vak energiekunde over de volle breedte nog worden uitgevonden. De beoogde energietransitie zou zo maar vast kunnen lopen door enerzijds onderschatting van de implicaties en anderzijds door kennisarmoede.

Tweede ronde als trektocht
Medio 2018 heeft de jury onder voorzitterschap van Sybilla Dekker drie inzendingen voor landelijk, drie voor stedelijk en drie voor waterlijk gebied geselecteerd voor de tweede ronde. In algemene zin is de aanbeveling gedaan om preciezer te duiden wat de inzending inhoudt, wat het in termen van energiebaten genereert, wie op welke wijze betrokken zijn, wat een indicatie van realisatiekosten is en hoe de bekostiging is gedacht. Het gaat hier niet om constructieberekeningen of uitvoerige berekeningen maar om schetsontwerpen en eenvoudige sommetjes. De weg naar de prijsuitreiking op 31 januari 2019 is vooral geen uitgestippelde reis maar een trektocht in het kielzog van politieke akkoorden en bestuurlijke (regio)deals. Na de prijsuitreiking gaat de trektocht verder en zullen nog vele volgende trektochten nodig zijn om geleidelijk te doen waar we later geen spijt van krijgen. We moeten meters maken maar haastige spoed kan ook hier verkeerd uitpakken, terwijl we juist behoefte hebben aan goede voorbeelden.